Willie Nelson, Amsterdam, 7 juni 2000

We zijn in de catacomben van Paradiso op zoek naar Willie Nelson. Iemand zegt: ‘Hier is hij niet, hij zit lekker buiten in z’n truck!’ 
Verstond ik nou truck?  Eenmaal buiten zien we een grote Nightliner die naast Paradiso geparkeerd staat. Binnen zit Willie aan een mok dampende thee en zo te zien speelde hij even daarvoor met iemand een potje schaak.  
Willie is een relaxte man. Hij nodigt ons uit om te gaan zitten en ook wij krijgen een kop thee. Willie is heel gewoon en wars van sterrenstatus. Voor hem geen hotel, hij is als een vrachtwagenchauffeur, die slaapt ook gewoon in de cabine van zijn truck. 
Na het interview excuseert hij zich, hij moet zo gaan optreden. Ik schiet nog snel een portret en we krijgen zijn laatste cd mee. Die draai ik nog wel eens, onder het genot van een lekker bakkie thee. 

ALICE COOPER, BRUSSEL, 31 MEI 2000

De dame achter de balie kijkt ons glazig aan. 'Monsieur Cooper? Non il n'y a pas de Cooper...’  

‘Vincent Furnier?’ proberen we vertwijfeld. Maar er verblijft ook geen gast met die naam in het Brusselse hotel. Enigszins paniekerig bellen we met de redactie.  

Kut, we zijn een dag te vroeg.
  

‘Blijf daar maar,’ zegt de hoofdredactrice. 
We kopen een tandenborstel en een onderbroek en gaan de kroeg in. 

De volgende dag ontmoeten we Mr. Alice Cooper. Hij blijkt een reuze gezellige man. We hebben ’t over kamperen, hij heeft pas met zijn vrouw een camper gekocht.  


Niks geen nepbloed of andere gekkigheid. Wel maken we nog even een polaroid van hem en de journaliste terwijl hij haar wurgt. Ideetje van Alice.  


Maxi Jazz, Ahoy Rotterdam, september 1999

Iedereen die wel eens in Ahoy of elk ander congrescentrum is geweest kan zich misschien voorstellen dat het niet makkelijk is daar een mooie plek te vinden om portretfoto’s te maken. Kleedkamers met een systeemplafond, de een nog lelijker dan de ander…
September 1999 dwaalde ik in Ahoy rond, opzoek naar zo’n plek. Na enige tijd vruchteloos door de gangen te hebben gedwaald, viel mijn oog op een openstaande deur die naar een wit betegelde ruimte leidde. Het leek wel een abattoir. In de ruimte stond helemaal niks, behalve een lange tafel en een gasfles. In mijn hoofd ontstond een beeld. Maar hoe ging ik dat verkopen?
Ik vroeg iemand om op die tafel te gaan liggen, gooide er nog een lamp met een blauwfilter tegenaan en maakte een proefpolaroid.
Enigszins angstig voor de reactie op dit voorstel, klopte ik op de kleedkamerdeur van Maxwell Fraser, beter bekend als Maxi Jazz, zanger/rapper van Faithless, dat later die avond in Ahoy zou spelen. Maxi is een relaxte, zeer open-minded man. Hij herkende mij nog van vorige shoots. Terwijl hij naar m’n polaroid keek, zei ik dat ik zoiets wilde maar dat het me ook tof leek als hij zijn shirt uit zou trekken, zodat het leek alsof hij daar naakt op tafel lag. Hij keek mij aan en even leek het erop dat hij in lachen zou uitbarsten. ‘Yeah man, let’s do this!’
Basement Jaxx,  Amsterdam, 24 maart 1999 

Over drie weken staat Basement Jaxx in Paradiso. Vandaag heb ik de heren voor mijn camera in het American. De sfeer is vrolijk en ontspannen. Het duo maakt continu grapjes over mijn gelijkenis met een van hen: Felix Buxton. Of ik niet af en toe zou willen invallen. Ik wimpel het af. Niets voor mij al die aandacht.
Het stijf uitverkochte concert van Basement Jaxx is net afgelopen. In Paradiso heerst een uitgelaten sfeer. Ik loop op de trappen van de poptempel. Mensen klampen me aan. ‘It was really great man.’  Ik krijg een biertje van iemand. ‘Felix, you rocked!’ zegt een meisje. Ze geeft me een kus op mijn wang.
Glimlachend denk ik terug aan de fotoshoot in American Hotel. Eigenlijk is het zo slecht niet om even in Felix’ schoenen te staan. 
Peter Steele, Maaspoort ‘s-Hertogenbosch, december 1999

We zitten te wachten in het halletje voor de kleedkamers van de Maaspoort. De persdame van de platenmaatschappij is net met haar baan begonnen. Het is een paar dagen voor Kerst en we wachten op Peter Steele, de frontman van Type O Negative. Dan gaat de deur open. Onvermijdelijk schrikken we even. De woest uitziende man moet bukken om door de deuropening te kunnen stappen. Daar is hij dan. Zijn gezicht staat op onweer. Alsof Thor in hoogsteigen persoon voor onze neus staat. De persdame stelt zich voor.  
‘My condoleances,’ antwoordt Steele en hij wendt zich naar mij.
‘You’re the photographer, shall we begin?’ 
Alleen met hem in de kleedkamer vertelt hij over het wurgcontract met zijn platenmaatschappij en hoe hem dat frustreert. Enigszins opgefokt poseert hij voor mijn camera. Zodra we klaar zijn, daalt er een zachtheid over hem en terwijl ik mijn spullen inpak, bedankt hij me uiterst vriendelijk. Terwijl we de kleedkamer verlaten, wenst hij mij en mijn familie een vredige Kerst en een liefdevol Nieuwjaar toe.  

Christopher Wallace aka Notorious B.I.G.    Real Hot Festival, Rotterdam 6th July 1996.


Het lijkt backstage in De Kuip wel drukker dan op het veld, waar toch circa 20.000 Hiphop-, rap- en R&B-fans verzameld zijn voor de eerste editie van het Real Hot Festival. De artiesten komen er een voor een langs om te poseren voor de verzamelde pers. Onder hen grootheden als Lil’ Kim, Coolio, 3T, Jodeci en de hoofdpersoon van dit beeldverhaal: Christopher Wallace. 


The Notorious B.I.G., a.k.a. Biggie Smalls, heeft net opgetreden met zijn Junior M.A.F.I.A. als hij zich meldt. Hij transpireert en heeft een grote witte handdoek om zijn nek. Fotografen, journalisten en fans verdringen zich. Dat moet ook wel, want binnen anderhalve minuut is hij weer verdwenen. 


Thuis ontwikkel ik de film, niet wetende dat mijn thermometer stuk is. De negatieven lijken onbruikbaar. Een nieuwe kans om hem voor mijn lens te krijgen is er niet. Amper acht maanden later maken vier kogels in zijn borst een einde aan het leven van Wallace. Pas jaren later weet ik met behulp van digitale technieken de negatieven zo te bewerken dat het resultaat er mag wezen. Het is even alsof ik Biggie Smalls weer tot leven wek. Onzin natuurlijk, maar ik ben blij dat ik deze foto’s nog heb. 

Back to Top